NIEUWS
NPRC reflecteert op verduurzaming van de kleine binnenvaart
Onderzoek brengt verduurzaming van de kleine binnenvaart een stap verder
De verduurzaming van de binnenvaartvloot is misschien wel een van de grootste uitdagingen waar onze sector de komende jaren voor staat. De vraag is echter hoe we dat op een manier kunnen doen die technisch haalbaar, economisch verantwoord alsook praktisch uitvoerbaar is.
De kleine binnenvaart (CEMT-klassen I-III) vervult een onmisbare rol binnen de logistiek van Noordwest-Europa. Kleinere schepen bereiken locaties waar grotere binnenvaartschepen niet kunnen komen. Dagelijks vervoeren zij goederen die essentieel zijn voor uiteenlopende sectoren. Denk aan mout voor brouwerijen, agrarische producten, bouwmaterialen en grondstoffen voor de industrie.
Zonder deze schepen zouden veel van deze goederen over de weg moeten worden vervoerd. Een groot deel van deze vloot bestaat uit oudere schepen waarvan de motor de komende jaren toe is aan revisie of vervanging. Daarom is het nu een goed moment om te onderzoeken welke verduurzamingsroutes realistisch zijn.
Vanuit die overtuiging heeft NPRC actief deelgenomen aan de Design Challenge van Topsector Logistiek, Rebel en HCNP. Niet omdat wij alle antwoorden al hebben, maar juist omdat wij vinden dat de antwoorden samen met binnenvaartondernemers uit de praktijk gevonden moeten worden. Alleen door theorie en praktijk samen te brengen, ontstaat inzicht in oplossingen die ook daadwerkelijk werken.
Drie NPRC-leden, Kurt de Roost (Ms Contessa), Michael Klos (Ms Divitiae) en Robin Vermeeren (Ms Estero), namen deel aan het onderzoek. Hun ervaringen zijn niet alleen waardevol voor NPRC, maar leveren inzichten waar de hele sector van kan profiteren. Dat past bij onze rol als coöperatie. Door kennis te delen, helpen we elkaar verder en bouwen we gezamenlijk aan een toekomstbestendige binnenvaart.
De centrale vraag van het onderzoek was: kan een bestaand klein binnenvaartschip met een elektrisch-hybride aandrijflijn op een duurzame manier blijven varen? Daarbij werd niet alleen gekeken naar de techniek, maar vooral naar de totale businesscase. Wat kost een ombouw? Welke besparingen zijn mogelijk? En hoe lang duurt het voordat een investering kan worden terugverdiend? Juist die combinatie van technische en economische haalbaarheid maakt dit onderzoek zo waardevol.
Het onderzoek laat zien dat hybridisering technisch uitvoerbaar is. De ontwikkelingen op het gebied van batterijen, elektrische aandrijflijnen en componenten gaan bovendien snel. Batterijen worden goedkoper, de verwachte levensduur neemt toe en de toepassing van technologie uit de vrachtwagensector biedt interessante mogelijkheden voor de binnenvaart. Voor schepen waarvan de motor aan revisie of vervanging toe is, kan een elektrisch-hybride aandrijflijn dan ook een serieuze optie zijn.
Misschien nog wel belangrijker is dat onderzoekers , leveranciers en schippers letterlijk samen aan boord hebben gekeken. Daardoor zijn technische ideeën direct getoetst aan de dagelijkse praktijk. Dat heeft waardevolle inzichten opgeleverd en vormt een goede basis voor vervolgonderzoek.
Tegelijkertijd maakt het onderzoek duidelijk dat de grootste uitdaging inmiddels niet meer alleen in de techniek zit. De volgende stap is ervoor zorgen dat die techniek ook past bij de dagelijkse praktijk en een gezonde businesscase oplevert voor de binnenvaartondernemer. Juist daar liggen volgens NPRC nog verschillende aandachtspunten.
Allereerst blijft de financiële haalbaarheid een uitdaging. De investeringen die nodig zijn om een klein binnenvaartschip te hybridiseren zijn aanzienlijk. Voor veel binnenvaartondernemers ligt de benodigde investering zelfs ver boven de huidige waarde van het schip. Zonder passende ondersteuning en een realistische subsidieregeling is het voor particuliere binnenvaartondernemers lastig om deze stap te zetten. Dat zegt niets over de techniek, maar alles over de economische realiteit waarin deze ondernemers dagelijks opereren.
Daarnaast zijn er praktische hobbels die genomen moeten worden. Een batterijpakket neemt niet alleen ruimte in beslag, maar brengt ook extra gewicht met zich mee. Dat kan ten koste gaan van het laadvermogen van een schip. Voor ondernemers die op tonnage varen, heeft iedere ton minder lading direct invloed op het ladingvermogen. Tonnageverlies moet daarom nadrukkelijk worden meegenomen in toekomstige ontwerpen en businesscases.
Ook de vaarplanning verandert. Waar een schipper vandaag de dag vooral kiest voor de meest efficiënte route van A naar B, zal een elektrisch-hybride schip steeds vaker rekening moeten houden met beschikbare laadpunten. Dat vraagt om een andere manier van plannen.
Tegelijkertijd is de praktijk van de binnenvaart allesbehalve voorspelbaar. Stremmingen, hoog- en laagwater, brugstoringen of stakingen zorgen regelmatig voor vertragingen of omvaarroutes. Iedere reis is anders. Juist die flexibiliteit maakt de kleine binnenvaart sterk. Verduurzaming mag daarom niet betekenen dat ondernemers hun operationele vrijheid verliezen of structureel moeten inleveren op hun werk-privébalans om een laadpunt te halen.
Daarmee komt ook een derde randvoorwaarde nadrukkelijk naar voren. Zonder een betrouwbaar netwerk van laadpunten kan hybride varen zich moeilijk ontwikkelen. Het onderzoek laat zien dat juist laadinfrastructuur één van de belangrijkste voorwaarde is voor een succesvolle uitrol. Niet alleen op vaste laad- en loslocaties, maar ook op plaatsen waar schepen onderweg overnachten of onverwacht moeten wachten. Dat vraagt om samenwerking tussen schippers, verladers, havens en overheden.
Daarom ziet NPRC deze Design Challenge niet als een eindpunt, maar als een belangrijke eerste stap. Het onderzoek heeft bevestigd dat elektrisch-hybride varen perspectief biedt en heeft tegelijkertijd duidelijk gemaakt welke praktische vraagstukken nog om een antwoord vragen. De volgende stap ligt dan ook in onderzoek, waarin techniek, financiering, laadinfrastructuur en dagelijkse operatie samenkomen. Daarbij is het belangrijk dat niet alleen schippers en leveranciers betrokken zijn, maar ook verladers, verzekeraars, financiers en overheden. Alleen door gezamenlijk op te trekken, ontstaat een realistisch beeld van wat kan werken.
Tot slot vinden wij het belangrijk om open te blijven kijken naar verschillende verduurzamingsroutes. Elektrisch-hybride varen is een veelbelovende oplossing, maar niet per definitie de enige verduurzamingsroute. De kracht van de kleine binnenvaart zit juist in haar diversiteit. Daarom zal ook de verduurzaming om maatwerk vragen. Per schip, per route en per ondernemer moet worden gekeken welke oplossing het beste past.
De Design Challenge heeft daarvoor een stevig fundament gelegd. Nu is het tijd voor de overheid en de sector om de volgende stap te zetten. Niet door theorie en praktijk tegenover elkaar te zetten, maar juist door ze dichter bij elkaar te brengen. NPRC levert daar ook de komende jaren graag een actieve bijdrage aan.
Want alleen door samen te blijven onderzoeken, testen en verbeteren, bouwen we aan een binnenvaart die ook in de toekomst duurzaam en economisch gezond kan opereren.
Benieuwd naar de onderzoeksresultaten en de uitgewerkte hybride retrofitontwerpen? Bekijk ook het volledige rapport van de Design Challenge binnenvaart via Topsector Logistiek.
Meer weten?
Ik hoor graag van je.
Bert van Strien
Manager Barging & Logistics